weerspiegelingen in het water,
de trage wolken, avondrood,
de avond valt, het wordt steeds later,
tot donker wijkt en ‘t licht aanstoot
In licht en luister straalt de Ster
de mooiste dag is niet meer ver.
weerspiegelingen in het water,
de trage wolken, avondrood,
de avond valt, het wordt steeds later,
tot donker wijkt en ‘t licht aanstoot
In licht en luister straalt de Ster
de mooiste dag is niet meer ver.
sneeuw valt als een deken
ongeschonden neer
kleuren die ontbreken
wit omvat veel meer
blanco, onbeschreven,
wit, zo puur en rein
leven van ons leven
laat mij zuiver zijn
O lichtend licht, o Morgenster
de wereld is zo duister,
de dag die komt is niet meer ver,
ontwaak en toon uw luister
De zon schijnt door de bomen
het blad ligt op de straat
zij kleuren onze dromen
tot zilv’ren levensdraad
om weer opnieuw geweven
te stralen in de zon
de keerkring van het leven
komt weer waar het begon.
afgestorven blad
legt haar tere nerven bloot
kleurrijk op het pad
van de aarde – moederschoot
o, wat is haar schoonheid groot
De wolken, mooie luchten,
verschijnen elke dag,
zij zijn het die ons wijzen
naar ‘s hemels nieuwe dag.
Een paardenbloem in al zijn eenvoud,
is niet bijzonder om te zien,
zij draagt de schoonheid in zichzelve,
verstopt haar honing in de kiem.
Zo zit de schoonheid van de mensen
in eenvoud, liefde, eerlijkheid,
haar parel mag van binnen groeien
en komt tevoorschijn op zijn tijd!
bruidskleed
slechts één dag gedragen
is vergeeld, nog niet vergaan
de minuten, uren, dagen
zijn zo snel voorbij gegaan
bruidskleed
voor de toekomstdagen
hemels wit dat nooit verbleekt
hangt al klaar om eens te dragen
als de nieuwe dag aanbreekt
de zomer is voorbij
de herfst opent haar ogen
en elk nieuw jaargetij
is zo voorbij gevlogen
op vleugels van de tijd
van ochtend naar de nacht
wordt in oneindigheid
dè nieuwe dag verwacht.
Wolkendek, bewegend traag,
stapelt beelden, laag voor laag,
hangend boven ‘t lage land,
wolken getooid als hemels kant,
verwaait, vervliegt vanuit de bron,
waar licht en leven ooit begon,
waait op de wind van tijd naar tijd
hemelse luchten, eeuwigheid.
De zwaluw spreidt zijn vleugels uit,
vliegt uit van oost naar west,
zweeft op de wind van noord naar zuid,
vindt rust in ‘t eigen nest.
Psalm 84:4 “zelfs de mus vindt een huis en de zwaluw een nest…”
In golven hoog en laag
bewegend snel èn traag
getij in eb en vloed
ontroert het stil gemoed
mijn oog is als een brug
ik knipoog jou terug!
Vonk zo licht in al zijn luister,
raakt het hart in woord en taal,
morgenstond verbreekt het duister,
Pinksterfeest voor allemaal!
Mens,
mooi ben je…
je teint getint in bruin,
omgeven door kleuren
die je goed staan.
Mens….
wees maar trots
op je huid en je haar,
je bent een creatie
van je Schepper.