Tag: religieus

  • Niemand kan hem evenaren

    Niemand kan hem evenaren
    Hij geneest, vergeeft, maakt vrij
    Hij kan storm en wind bedaren
    Hij is ons altijd nabij. 

    Over water kan Hij lopen
    Kruiken water worden wijn
    Brood en vis, deelt Hij met velen
    Hij wil ons tot zegen zijn. 

    Eet zijn brood, dat is zijn lichaam
    Drink zijn wijn, dat is zijn bloed
    Hij heeft zich aan ons gegeven
    opdat je leeft, eens en voorgoed.

  • Zijn schaduw aan mijn rechterhand

    Ga op de trap
    die leven heet
    en houd je stevig vast.

    Eén tree omlaag,
    twee weer omhoog,
    laat los je zware last. 

    En als de angst 
    je wank’len laat,
    ga dan wat lager staan. 

    Houd moed en hoop,
    kijk naar het Licht,
    daar komt je hulp vandaan. 

    Zijn schaduw 
    aan je rechterhand 
    wil met je verder gaan.

    Eén tree omlaag,
    twee weer omhoog,
    eens sta je bovenaan.

  • Het oude jaar laat zijn laatste adem los

    Het oude jaar laat zijn laatste adem los, 
    druppels regen glijden als trage tranen langs de ramen. 
    Zegen en verdriet lopen hand in hand. 
    De dag kent geen stilstand.

    De aarde rust niet, 
    zij is in opstand door het dreunen van geweld
    en de schaduw van granaten en bommen,
    alleen kinderen zijn onschuldig!

    Vrede begint klein, zoals een zaadje dat de aarde raakt, 
    en de takken van een boom die naar het Licht toe groeien. 
    Vrede ontstaat waar ruimte wordt gemaakt voor respect,
    waardoor onze innerlijke vruchten kunnen rijpen.

    Laten we elkaar vasthouden en ons openstellen voor een wereld 
    waar onze voeten nieuwe wegen mogen vinden,
    om door te gaan in het goede,
    in geduld, hoop en zachtmoedigheid,
    onszelf niet hoger achtend dan de ander
    en een diep verlangen naar vrede.

  • Stille nacht

    Een ‘stille nacht’, een ster op weg
    door tijd en ruimte heen,
    de ster is helder, wijzend naar…
    het wonder dat verscheen. 

    In deze nacht die ons verbindt,
    verweven met weleer,
    waar God opnieuw met ons begint
    brengt Hij de ommekeer;

    In ‘t midden van een ‘stille nacht’,
    is Gods Zoon geboren,
    Jezus werd in ‘t Licht gebracht,
    wij mogen bij Hem horen. 

    Jezus kwam in al Zijn luister, 
    taal en teken in de tijd,
    Hij bevrijdt ons van het duister
    nu en tot in Eeuwigheid.

    Vurig hopend eens te wonen
    in Zijn rijk dat hier begint. 
    Bid dat Vrede snel mag komen
    en wat goed is, overwint. 

    Zijn vergeving en genade,
    heeft Hij voor ons meegebracht. 
    Hoor, de engelen zingen zuiver
    van een ‘stille – heilige’ nacht.

  • Kerst is er voor iedereen

    De nacht valt stil, de wereld wacht,
    de Morgenster verscheen.
    Gods Zoon, geboren in de nacht,
    Hij kwam voor iedereen:

    **Voor hen in oorlog, zonder thuis,**  
    verloren in de strijd,  
    geeft kerst weer hoop, een vergezicht
    naar vrede en gerechtigheid. 

    **Voor zieken, die in pijn gehuld,**   
    opzien tegen de nacht,
    is kerst een pleister voor de ziel
    die leed en pijn verzacht. 

    **Voor wie geen vaderland meer heeft,**  
    voor vreemden zonder naam,  
    is kerst een ster die liefde geeft,  
    om hoopvol door te gaan. 

    **Voor oud’ren, door de tijd geknecht,**  
    hun kamer leeg en stil,  
    schenkt kerst voldoening, als één mens 
    wat aandacht geven wil.  

    **Voor wie gebroken verder gaan,**  
    door leed of een gemis
    zal ‘t licht van kerst steeds naast hen staan
    dwars door de duisternis. 

    **Voor kinderen met verdriet omgeven**
    die leven in gebrokenheid,
    geef Heer met kerst, aan hen uw zegen
    Behoed elk kind in deze tijd. 

    De Morgenster gaat voor ons uit,  
    Zijn hoop schijnt door ons heen
    Zijn liefde maakt geen onderscheid. 
    Kerst is **voor iedereen**.

  • Luister naar hun eeuwige namen

    EEUWIGHEIDSZONDAG – GEDACHTENISZONDAG – HERDENKING

    Luister naar hun eeuwige namen,
    spreek ze uit, niet met verdriet, 
    denk maar stil aan wie ze waren,
    zing hun namen in een lied. 

    In het licht van glas en lood,
    straalt hun glimlach door de ramen. 
    In de stilte tussen woorden, 
    horen wij hun levens-namen.

    Voor die namen zijn wij samen,
    ademhaling die zich mengt
    met de liefde van hierboven,
    die ons troost, ten diepste kent. 

    Dank dat zij nu zijn geborgen
    in het Licht dat leven geeft,
    in de nieuwe levensmorgen
    die U hen gegeven heeft.

  • Dag huis

    Dag huis

    we gaan je nu verlaten. 
    Jouw muren hoorden ons gebed,
    de ramen die de liefde zagen,
    de deur waar menig voetstap is gezet. 

    Ons bed als baken bij een haven,
    met soms een kind tussen ons in.
    Zo veilig was het hier te wonen
    in dankbaarheid met ons gezin. 

    En ook bij ziekte, moeilijkheden,
    was ‘t huis een veilig fundament,
    met steunpilaren die ons droegen,
    bleven we bij alles overeind. 

    Een nieuwe tijd is aangebroken
    het leven neemt Zijn eigen loop.
    Het huis waar wij nu mogen wonen,
    geeft nieuwe dagen vol van hoop.

  • Engelenrij

    Ik leef zo langzaam maar toch vlug,
    als in een déja-vu,
    naar kind-zijn kan ik niet meer terug,
    ik zag meer engelen dan nu.

    Het feest van madelieven rijgen,
    de waterlelies in de sloot
    een stuiver om zoethout te krijgen
    het wiebelen in een wank’le boot

    Kedeng kedeng leek ‘t spoor te zingen,
    de trein ging door het lage land,
    met broertjes en een zusje,
    was ‘t leven zeer plezant. 

    Waar is de tijd van argeloosheid,
    vertrouwen in wat komen gaat?
    Toen kon ik nog niet weten,
    van ‘t kwaad dat niemand overslaat. 

    Nog één keer in het slootje kijken,
    daar zag ‘k mijn silhouet, 
    ‘k ga steeds meer op mijn moeder lijken,
    haar handen stil en in-gebed. 

    ‘t Is goed om achterom te kijken,
    het goede blijft voorgoed nabij,
    wat voor ons ligt dat moet nog blijken,
    heel vaag zie ik een engelen rij. 

  • Als de vrede zou kunnen dansen

    Als de Vrede zou kunnen dansen,
    zou ik haar omarmen
    en zingen op de tonen van dankbaarheid. 
    Maar de Vrede danst niet, 
    zij zoekt naar sporen
    van onuitgesproken zinnen,
    die afgebroken en gebroken,
    toch volmaakt zijn 
    door de hoop,
    die er in verborgen ligt. 

    Ik luister en fluister en zie,
    de stad van Vrede komt er aan…

  • Engelenadem

    Het licht van de eng’len, stralend en puur,
    zien aarde en mensheid in oorlog en vuur.
    Een bevende aarde, bezoedeld door strijd,
    vervuiling en armoe, de wereld die lijdt

    Berooid wordt wie vlucht, nauwelijks kans op bestaan. 
    Waar is het vertrouwen om verder te gaan. 
    Kom Schepper daal neer met uw engelen pracht,
    een wereld vol liefde wordt zo lang verwacht. 

    De engelenadem is krachtig, intens
    en voelbaar aanwezig, dicht bij de mens. 
    Geraakt door hun vleugels, heel diep binnenin,
    wijzend de weg naar een heel nieuw begin.

  • De roep

    Zwijgend roepen
    in de ruimte,
    binnenvallend
    in de zin,
    zonder woorden
    en gebaren,
    sprakeloos
    er middenin.

    Roepend zwijgen
    in de nachten,
    tandenknarsend
    hoofd omhoog,
    overstijgend
    eigen waarde,
    buigend voor
    wat Hem bewoog.

    Schreeuwend vragen
    aan de Vader,
    van het hoe
    en het waarom,
    onbeantwoord
    zijn mijn vragen,
    Hij geeft terug
    Waar het begon.

    Vragend roepen,
    zwijgend schreeuwen,
    antwoordt Hij
    Die alles schiep,
    ongekend
    de talen sprekend,
    weet ik nu
    dat Hij mij riep.

  • Een zee van woorden

    een zee
    van woorden-
    vloed….
    over me heen
    in wind en weer
    alleen

    o zee,
    fluister
    mijn naam
    neem mee
    al wat ik heb
    eb

    een golf…
    verlangen
    door me heen
    ik hoor een stem
    nooit meer
    alleen…

    zo is ’t goed
    einde-lijk…
    vloed….
     

    Uit: “Licht Verlangen”
     

  • Ademtocht

    http://www.audiogedichten.nl/images/mp3/verheij_ademtocht.mp3

    Ademtocht….
    geboren
    uit het
    onzegbare

    getogen
    uit het
    onnoembare

    stromend
    op het ritme
    van de zee
    golf na golf
    na golf

    Tot de laatste
    ademtocht….

     

    Uit: “Licht Verlangen”
     

  • Spinsels

    Ruwe storm
    verjaag
    de spinsels
    uit de toppen
    van de boom
    raak de takken
    maak ze buigzaam
    laat mij leven
    zonder schroom
     
    Geest van God
    verjaag
    de spinsels
    uit mijn geest
    en uit mijn hart
    stoel geen waarheid
    op verzinsels
    in een wereld
    zo verward
     
    Zachte bries
    omarm mijn leven
    alles in mij
    ligt nog braak
    laat Uw hand
    mijn wortels weven
    opdat ik niet
    ontworteld raak.

    27 september 2005

     

    Uit: "Licht Verlangen"

  • Sneeuw

    sneeuw
    dat het donker met licht overtrekt

    wit
    dat de wereld tot leven wekt

    licht
    dat weerkaatst waarheen het zal gaan

    wijs
    ons de Eeuwige  morgenster aan

    schijn
    op ’t Kind dat als sneeuw onbevlekt

    stralend
    van Liefde onze zonden bedekt.

    11 september 2005

    Uit: "Licht Verlangen"

  • Haar mooiste reis

    Als een cocon
    Die openscheurde

    Mocht ze haar lichaam
    laten gaan

    opnieuw haar vleugels
    uitgeslagen

    op reis terug
    een nieuw bestaan

    Een nieuwe stad
    een heilig licht
    zo mooi kan niemand dromen
    die stad geheel in evenwicht
    daar mag zij binnenkomen….

    Verbroken is de macht
    van pijn
    geen ziekte, dood,
    geen medicijn,

    Alleen
    volmaakt,
    bij God te zijn…

    Nu woont zij
    in haar nieuwe huis
    Herkenning, blijdschap
    eeuwig thuis

    Haar mooiste reis….
    …..het paradijs….

    Cobie Verheij-de Peuter
    2 augustus 2005

    Opgedragen aan: Tante Jo

    Uit: "Licht Verlangen"
     De bundel met bijna 80 gedichten is hier>>>> te bestellen.

  • Klein en stil

    klein en stil
    groeit een nieuw leven
    tot een groot en zoet geheim
    in de moederschoot geweven
    wordt het kind wie het zal zijn

    klein en stil
    nog voor ons weten
    had Zijn hand zich uitgestrekt
    alles was al uitgemeten
    met Zijn liefde overdekt

    klein en stil
    vormt dit nieuw leven
    alle zin van ons bestaan
    door de Heer aan ons gegeven
    krijgt het kind zijn eigen naam

    Uit: "Licht Verlangen"
    April 2005

     

  • Zwart op wit

    hunkerend
    om me te uiten
    ontspruiten
    ideeën
    als bruisende
    zeeën
    vol golvend
    verlangen
    aan te vangen
    op ’t maagd’lijk
    papier

    onbewust
    gevoel
    krijgt gestalte
    van een bijzonder
    gehalte
    uit het binnenste
    vandaan

    vonken
    diep in me
    verzonken
    met mijn handen
    laten
    branden

    aarzelend
    verschijnen
    de eerste
    lijnen
    door gedrevenheid
    belaagd
    zwart op wit
    wordt het
    papier ontmaagd.

    uit: "Schijnbaar mens" (2002)

  • Zingend van de nieuwe morgen

    (Lied geschreven voor CD "Zingend van de nieuwe morgen" met muziek geschreven door Roelof Elsinga)

    Zingend van
    de nieuwe morgen
    lonkend naar de dageraad
    ligt de toekomst stil verborgen
    danst het ritme in de maat

    REFREIN:
    Hoor Zijn Lied
    opnieuw gezongen
    nog zo pril
    en toch zo oud
    HALLELUJA
    HALLELUJA
    “nieuwe stad”
    gehuld in goud.

    Reikend naar
    de Hemelluchten
    hoog verheven, lichtend blauw
    vederlichte wolken vluchten
    kleuren mij en kleuren jou

    REFREIN:
    Hoor Zijn Lied …….

    Kijkend naar
    de verre oever
    schepen aan de horizon
    het einde nadert, het wordt vroeger
    spoedig komt… wat er begon

    REFREIN:
    Hoor Zijn Lied…………

    Zingend van
    de nieuwe morgen
    komt het oude lied voorbij
    nieuwe aarde, zonder zorgen
    maak een nieuw begin met mij

    REFREIN:
    Hoor Zijn Lied…………

    © Cobie Verheij – de Peuter
    (september 2003) 

     

    Uit: "Licht Verlangen"
     De bundel met bijna 80 gedichten is
    hier>>>> te bestellen.

  • Zilveren koord

    Versleten
    is het zilveren koord
    gevallen kruik,
    het laatste woord
    gebroken
    in het slotakkoord

    Het lichaam teert
    onder de zon
    en keert weer terug
    waar ´t eens begon
    tot stof onder de aarde

    dan klinkt er
    een beginakkoord
    en zweeft mijn
    levensadem voort
    tot Hem die mij bewaarde.

    2003

    Uit: "Licht Verlangen"